Terug naar Archief en collectie in de kijker

Het ganzenrijden is een eeuwenoude volkssport. Vermoed wordt dat de wortels hiervan terug te vinden zijn in een oud Germaans gebruik, waarbij de heidense boeren met het offeren van een dier een voorspoedige oogst van de goden wilden afsmeken. Na de kerstening overleefde dit gebruik de tand des tijds maar transformeerde in een begeesterend volksspel. Terwijl dit volksvermaak in Vlaanderen vandaag enkel in de Antwerpse polderdorpen voorkomt, kende het vroeger een bredere geografische verspreiding. Archiefdocumenten verwijzen onder meer naar Brussel, Brugge en Ieper. Vandaag wordt het ganzenrijden, of varianten daarop, ook beoefend in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Spanje en zelfs Venezuela.

Het folkloristische volksspel heeft een hele evolutie meegemaakt. In het oorspronkelijke spel werd een levende gans met de kop omlaag aan een draaiende dorsvlegel vastgemaakt. Boeren trachtten al rijdend of lopend het dier te onthoofden met een riek, een stok of een spade. De wet op de dierenbescherming van 1927 maakte een einde aan het gebruik van levende ganzen in het spel. Het slaan met werktuigen behoort eveneens tot de geschiedenis. Vandaag wordt het dier eerst pijnloos door een dierenarts ingeslapen en vervolgens aan een galg gehangen. Wie rijdend op een (boeren)paard de nek van een oude gans kan aftrekken, wordt tot koning gekroond. In de marge van het spel werden diverse personages geïntroduceerd, die veelal een animerend karakter hebben en per dorp kunnen verschillen. Zo moet in Zandvliet meneer doktoor en zijn verpleegsters gevallen ruiters met verband en een gezonde borrel terug op de been helpen en waakt een agent over de goede gang van zaken. Toeschouwers die zijn regels aan hun laars lappen, komen op de bon.

Het ganzenrijden is een eeuwenoude volkssport. Vermoed wordt dat de wortels hiervan terug te vinden zijn in een oud Germaans gebruik, waarbij de heidense boeren met het offeren van een dier een voorspoedige oogst van de goden wilden afsmeken.

Vermaak na Arbeid

Het kloppend hart van het ganzenrijden zijn de verschillende ganzenrijdersorganisaties die deze eeuwenoude traditie met volle toewijding in leven houden. Vandaag wordt nog steeds de gans gereden in Berendrecht, Ekeren, Hoevenen, Lillo-fort, Zandvliet en Stabroek.

In Zandvliet werd tijdens het Interbellum de ganzenrijdersvereniging Vermaak na Arbeid opgericht. De Club telt twee afdelingen: de Jonge Ruiters en de Veteranen, opgericht in respectievelijk 1926 en 1957. Met uitzondering van de Tweede Wereldoorlog en de watersnood in 1953 werden er onophoudelijk kampioenschappen georganiseerd. Vroeger reden de ruiters uit in de Belgische driekleur maar sinds het midden van de jaren 1970 strijden ze in een geruit rood-witte uniform voor het jaarlijkse koningschap. De wedstrijden vinden plaats in het carnavalsweekend en weten op en rond het marktplein van Zandvliet zo'n 5000 kijklustigen op de been te brengen.

Volgens Stanny Gabriels en Iwan Wils, twee drijvende krachten achter de vereniging, is het ganzenrijden niet zo maar een oude volkssport. Het spel heeft voor de inwoners van de Antwerpse polderdorpen een gemeenschapsvormend karakter dat typisch is voor de regio, daarom wordt deze traditie dan ook met alle plezier in ere gehouden.

Het ganzenrijden is in hoofdzaak een mannensport. Toch hebben de vrouwen in de polderdorpen eigen organisaties in het leven geroepen. In 1976 richtte een groep vrouwen uit Zandvliet de Vrouwenganzerijders Zandvliet op. Deze vereniging stierf echter een stille dood in 1986. In 1995 besloten de poldervrouwen het ganzenrijden nieuw leven in te blazen met de oprichting van De Vrije Gans. Daarnaast spelen de vrouwen ook een belangrijke rol binnen de traditionele mannenorganisaties. Vaak zijn ze op de achtergrond nauw betrokken bij de voorbereidende activiteiten en de organisatie van de wedstrijden. En ze verdienen hiervoor zeker en vast een pluim, aldus Gabriels en Wils.

Erfgoed

Het erfgoedbewustzijn is binnen de ganzenrijdersvereniging van Zandvliet tijdens de voorbije jaren sterk gegroeid. In 2011 organiseerde de club naar aanleiding van hun 85-jarig bestaan een overzichtstentoonstelling in het Cultuurcentrum de Schelde. De expositie 85 jaar gansrijden in Zandvliet vormde de ideale gelegenheid om het rijke erfgoed op te sporen en te centraliseren. Het resultaat was dan ook uitmuntend. In totaal werden een 40-tal dozen erfgoedmateriaal verzameld. Het betreft onder meer de eerste vlag, daterend uit 1926, vaandels, een 30-tal foto-albums, dia's, statuten, notulen, ledenlijsten, krantenknipsels, stickers, uniformen etc.

De waardering van het eigen erfgoed en geschiedenis laat zich ook merken aan de inspanningen die de organisatie in samenwerking met de Polderbond, de overkoepelende organisatie van de Antwerpse ganzenrijdersorganisaties, levert om het ganzenrijden op de Representatieve lijst van immaterieel cultureel erfgoed van de mensheid van UNESCO te krijgen. Terwijl het verleden veilig werd gesteld, lijkt ook de toekomst van het ganzenrijden in Zandvliet verzekerd. Volgens Gabriels en Wils zullen de vele jonge ruiters die bij de club zijn aangesloten steevast voor continuïteit zorgen.

Bron:

Steekkaart: Archief van de Ganzerijdersvereniging Vermaak na Arbeid - Zandvliet. 1926 – heden.